Inhoud
van deze pagina
Van Salt Lake City naar
Bonneville Flats
Vanmorgen at ik opnieuw van
het goede ontbijt in Hilton Garden Inn. Daarna pakte ik in en
vertrok via Interstate 80 naar het westen. Ik zag het Great Salt
Lake, waarboven wat nevel en bewolking hing. De snelweg loopt er
samen met de spoorlijn vlak langs. Aan beide kanten van de weg stond
wat water, het was tamelijk moerassig rondom met het meer.

The Great Salt Lake
ZoŽn twintig mijl verder reed
ik de Great Salt Lake Desert op. Dat is werkelijk een grote
zoutwoestijn. Aan beide kanten van de weg strekt zich een schijnbaar
eindeloze witte vlakte uit. Dit gebied is zo vlak dat de Nederlandse
polders hierbij verbleken, vooral omdat deze woestijn helemaal leeg
is.

Interstate 80 door de grote
zoutwoestijn ten westen van Salt Lake City
Vlak voordat ik Wendover
bereikte sloeg ik af naar de Bonneville Flats, een deel van de
zoutwoestijn waarop jaarlijks races worden gehouden en weer veel
snelheidsrecords gevestigd zijn, onder andere door autoŽs met
raketaandrijving. Ik keek even rond op over de kale vlakte en sprak
met een vriendelijke Amerikaan die vertelde dat hij hier geregeld
kwam en proefde even van het zout.

Bonneville Salt
Flats International Speedway
Daarna reed ik naar Wendover,
waar ik de snelweg af ging en Alt 93 opdraaide in de richting van
Ely.
Terug naar boven
Van Bonneville Flats naar
Eureka
Ik kwam nu weer in
Nevada, waar ik al eerder was toen ik mijn reis begon in Las Vegas.
Nevada is een zeer uitgestrekte staat die grotendeels bestaat uit
woestijnachtig gebied. Daarnaast zijn er heel wat bergen, waardoor
het reizen door deze staat toch een afwisselende ervaring is. De
woestijn is nergens hetzelfde, overal groeit weer wat anders en de
intensiteit van de begroeiing wisselt sterk. Door de aanwezigheid
van de bergpassen kun je wel ver, maar niet eindeloos ver vooruit
kijken en blijft het een verrassing wat je na de volgende bergketen
zien zult. Sommige delen van het gebied zijn zo vlak of licht
glooiend dat je een T-splitsing 10 mijl verderop kunt zien liggen
door de weinige auto's die op de kruisende weg rijden.
De bergpassen zijn 2000 à 2300 meter hoog. De rest
van het landschap is een hoogvlakte die op 1600 - 1800 meter boven
de zeespiegel ligt, zodat de passen maar weinig hoogte overbruggen.
Op de hoogste bergtoppen zag ik hier en daar sneeuw liggen.
Ruim voordat ik Ely bereikte ging ik van de weg af
en reed naar Cherry Creek, ooit een mijnstadje, nu bijna
uitgestorven. Het westen telt meer van dergelijke ghosttowns en
Cherry Creek bleek niet een heel sprekend voorbeeld te zijn.
Even voorbij Ely ging ik opnieuw van de weg af. Ik
reed inmiddels op US 50, bekend als The Loneliest Road in America.
Na een kort ritje bereikte ik Ruth Pit. Dat is een kopermijn in
dagbouw, waarbij een uitkijkpunt ingericht is. Daarvandaan keek ik
in een enorm diep gat, waarin volop gegraven werd. Enorme trucks
voerden erts en puin af. De omgeving rond de mijn ligt vol met
enorme hopen puin, die in keurige patronen en netjes afgewerkt in
het landschap liggen. Nevada is nog steeds rijk aan metalen,
waaronder koper, zilver en goud.

Ruth Pit

Mining Truck, Ruth Pit
Ik vervolgde mijn weg over US 50, die niet zozeer
eenzaam is omdat er weinig verkeer rijdt, maar vooral omdat het
landschap bijna totaal verlaten is. Het enige teken van menselijke
aanwezigheid is het prikkeldraad langs de weg, bedoeld om het vee
van de boeren die hier en daar wonen van de weg te weren.

US 50, the Loneliest Road of
America
Ik arriveerde in Eureka, een dorp dat vroeger veel
groter en levendiger was maar beslist geen ghosttown is en vond
onderdag bij Best Western in een zeer rustige omgeving.
Mooie dag, met in de ochtend wat bewolking, bij Ruth
Pit wat regen en later op de dag zonnig en warm weer.

Opera House,
Eureka, uit de tijd dat dit stadje welwarend was door de mijnbouw
Afgelegde
afstand 361 mijl.
Ga voor foto's naar mijn albums op Webshots. Klik
hier
(opent in nieuw venster)
Terug naar boven
Reageren?
Ga naar het gastenboek of stuur mij een
e-mail